Het is bal aan het Leidseplein in Amsterdam. Om de hoek van de rode loper waar Hollands literaire fine fleur overheen walst.

Op het podium van de Melkweg staat de koningin van Schotland. Ze is klein van stuk en barst van het vuur. Ze slingert de ene na de andere gitaar om haar hals. Twee uur lang neemt ze dik duizend man mee op reis door een muzikaal landschap van woeste schoonheid.

Rockchick 2011

De glimmende, gitzwarte latexbroek laat er geen misverstand over bestaan: KT Tunstall is hier om te rocken. Zonder crowdpleasers als ‘Suddenly I See’ en ‘Black Horse and the Cherry Tree’ af te raffelen, stopt de Schotse de angel van haar concert in een furieuze uitvoering van Madame Trudeaux. Het is een ode aan de Canadese First Lady die er in de jaren zestig vandoor ging met Ronnie Wood. Het is een ode aan de rebelse vrouw, aan zichzelf. De band speelt vuig en driftig, KT roept Joan Jett en Chryssie Hynde op.

Tulp voor Amsterdam

KT’s cadeau voor Amsterdam is ‘Scarlet Tulip’, een ‘nieuwe song’. De tulp blijkt al anderhalf jaar oud te zijn, maar in het ontluikende voorjaar klinkt het nummer pril en taai als een voorjaarsbloem. Tunstall mag dan niet zo ‘hot’ zijn als Adele, haar songs zijn als meren van onpeilbare diepte waar zich mysterieuze monsters bevinden. Na het optreden knalt onder het kille zaallicht ‘She Sells Sanctuary’ uit de luidsprekers van de Melkweg. Bij het begin van de show zei Koningin KT het al, ‘For those of you who are new here, welcome to our cult.’